Na een soepele vlucht van slechts 10 uur, landden we weer in Hong Kong. Het Nederland tripje zit er weer op. Gegeten met de liefste en leukste vrienden die je maar kunt bedenken, gespeeld met de neefjes en nichtjes, genoten van de families, het mooie weer en vooral ook nagedacht over de toekomst. En we hadden het al besloten, maar ook in NL bedachten we ons weer; we gaan er voor! Hong Kong deel II.
Hong Kong deel II betekent dat we zonder werkgever in Hong Kong blijven. Ja, dat lees je goed ja, wij besluiten in een van de duurste steden ter wereld te blijven zonder vast inkomen. In Amsterdam stapten we nog vrolijk vol goede moed op het vliegtuig; een nieuw huis zoeken, een verblijfsvergunning regelen, kan het kind op dezelfde school blijven (of uberhaupt op school blijven), gaan we het redden om snel weer werk te vinden? Uitdagingen! Dat zijn het.
We zijn welgeteld 36 uur terug in Hong Kong en de moed zakte me vanmiddag finaal in de schoenen. Niks geen uitdagingen, problemen zul je bedoelen. Na m’n woonbootavontuur, hadden we al unaniem besloten de voetjes op het droge te houden. Dus deze week staat in het teken van appartementen kijken.
De gouden spiegel boven de eettafel schreeuwde me tegemoet, de spiegelwand op links, het ieniemienie woonkamertje en de muffe lucht, benamen me de adem. De makelaar opende de deur naar het balkon(netje) en ik gaf gehoor aan m’n eerste impuls, buiten staan. De expatman kwam bezorgd achter me staan ‘Niet springen hè’, mompelde hij. Het bedompte postzegel appartement kost nog steeds een fortuin op maandbasis. In dit appartementencomplex waren we snel klaar.
Zoals in iedere wereldstad is de ‘trade-off’, ruimte versus locatie. In Hong Kong is dat natuurlijk niet anders. Voor de middag stond een gebied dat verder buiten de stad ligt op het programma. In het eerste appartement ligt een hoop stof op de vloer, in de badkamer heeft het toilet een kleur die ik je zal besparen en in de keuken hangen de keukenkastjes en deurtjes schots en scheef. De makelaar verzekert ons dat het nog opgeknapt moet worden, maar dat ‘ze’ dat prima kunnen doen in een week of drie. Apartement nummer vier lijkt ons wel wat, met als enige nadeel een Chinese keuken. En dat betekent in dit geval geen keukenkastjes, een tweepits kookplaatje, een aanrechtblad van een meter. En als klap op de vuurpijl voor Tippi: een ‘buitendouche en toilet’ met een slaapkamer waarin ze onmogelijk met haar benen gestrekt kan slapen.
De regen komt deze week met bakken uit de hemel en dat past uitstekend bij de stemming waarin wij ons vanmiddag bevonden. We gaan echter nog drie dagen op huizenjacht, dan moeten we toch echt wel iets gevonden hebben. We houden we de moed erin en zoeken verder naar die speld in een hooiberg.






